Verbruggen Paddestoelen
   

 

Natuurgrasproject

Verbruggen Erp
Natuurgrasproject Verbruggen Paddestoelen BV. te Erp

in samenwerking met:

Staatsbosbeheer, Waterschap AA en Maas en van der Linden Techniek.

Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling
Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling: Europa investeert in zijn platteland.

Dit project valt onder de regeling LNV-subsidies
Samenwerking bij innovatie nieuwe uitdagingen 2011

Project: "Natuurlijk restmateriaal in Paddenstoelensubstraat"
Startdatum project 1 april 2012 / Einddatum project 31 maart 2015


Korte uitleg/omschrijving van dit project:


Verbruggen Paddestoelen B.V. is een bedrijf dat actief is op twee gebieden, enerzijds produceert men substraat voor de teelt van paddenstoelen, en dan met name oesterzwammen.
Anderzijds produceert men ook zelf biologische oesterzwammen. Op alle locaties van het teeltbedrijf worden biologische oesterzwammen geteeld, deze worden ook zichtbaar en succesvol als zodanig op de markt gezet.

De afgelopen jaren is de biologische substraatproductie bij de Firma Verbruggen aanzienlijk uitgebreid. Door deze uitbreiding is ook de benodigde hoeveelheid stro aanzienlijk toegenomen. Het stro wordt vanuit allerlei landen in Europa aangevoerd, het grootste deel komt uit Oost-Duitsland, Frankrijk en Belgi. De afgelopen jaren zijn de stroprijzen, vanwege onder andere schaarste, sterk gestegen. Vanwege het ontbreken van persoonlijk contact met de leverancier c.q. de controle op de productie, de gestegen prijzen maar vooral ook de fysieke transportafstand irt het duurzame karakter van de biologische teelt is John Verbruggen op zoek gegaan naar een ander uitgangsmateriaal voor het biologische substraat.

Bij de zoektocht naar een nieuwe grondstof voor het biologische substraat zijn een aantal zaken van
belang.
  • Verbruggen Paddenstoelen B.V. dient de kwaliteit en het biologisch zijn van het substraat te kunnen garanderen voor zowel de klanten als voor de eigen productie.
  • Het uitgangspunt hierbij is dat het materiaal binnen Nederland voldoende beschikbaar moet zijn,
  • de C02 footprint van het bedrijf en het geproduceerde substraat kan hierdoor in positieve zin worden veranderd.
Enige tijd geleden is men op zoek gegaan naar een partij die aan de hierboven genoemde voorwaarden kan voldoen, deze partner heeft men gevonden in Staatsbosbeheer en Waterschap AA en Maas.
Staatsbosbeheer heeft in Nederland grote natuurgebieden in beheer. Het gras in deze natuurgebieden moet regelmatig worden gemaaid. Op dit moment is er geen goede bestemming voor het maaisel. Het grootste deel van dit maaisel wordt verwerkt bij composteringsbedrijven, een heel klein gedeelte van het maaisel van Staatsbosbeheer wordt verkocht ten behoeve van vergisting, veevoer en de kartonindustrie. Staatbosbeheer is op zoek naar hoogwaardige toepassingen voor het maaisel en snoeiafval dat uit de beheersgebieden komt.

De heer Verbruggen ziet goede mogelijkheden om het natuurmaaisel (vaak een soort pitrus gras met een hoog vocht opnemend vermogen) te gebruiken voor het produceren van biologisch
paddenstoelensubstraat. Het heeft ruim voldoende omvang (in tonnen) om substraat op grotere schaal te kunnen produceren, het is relatief dichtbij verkrijgbaar n het is 100% zeker biologisch materiaal. Het gebruik van natuurmaaisel in paddenstoelensubstraat kan worden gezien als een soort tussenstap, zodra het substraat is gebruikt in de teelt van paddenstoelen kan het namelijk alsnog worden gebruikt in een vergassingsinstallatie.

Om van het natuurmaaisel ook daadwerkelijk substraat te kunnen maken, zal het productieproces van het substraat op basis van vooral natuurmaaisel ontwikkeld moeten worden. De doelstelling van dit innovatieproject is het ontwikkelen van het gehele productieproces (incl. oogst / maaien en opslag) voor biologisch paddenstoelensubstraat op basis van natuurmaaisel.

Het meeste natuurgras wordt gemaaid in de periode van juli tot en met september, echter de productie van substraat gaat het gehele jaar door. Om de productie van het substraat jaarrond te kunnen garanderen, zal het maaisel opgeslagen en geconserveerd moeten worden, hiervoor denkt men aan natuurlijk drogen, kuilen, persen en wikkelen of het opslaan in een flexibele opslagmethode.

Staatsbosbeheer en Waterschap AA en Maas zullen daarom onderzoek moeten doen naar de mogelijkheden het proces aan te passen zonder dat de natuurwaardes in het gebied worden aangetast. Veel aandacht zal daarom moeten worden besteed aan de wijze van oogsten / verzamelen en de wijze van het bewaren c.q. conserveren van het maaisel. Bij het conserveren van niet gedroogd gras ontstaat verzuring. Binnen dit project zal Verbruggen kennis en ervaring op moeten doen inzake het toepassen van verzuurde materialen, hierbij dient onderzoek gedaan te worden naar de wijze van opslag. Men zal onderzoeken of het gras verkleind moet worden voordat het in de opslag gaat f pas nadat het uit de opslag wordt gehaald, verder gaat men onderzoeken welke structuur nodig is en of het toevoegen van vocht noodzakelijk is voor de bewaring.
Belangrijk hierbij is dat het gras zo snel mogelijk na het maaien in de opslag wordt opgeslagen, dit dient binnen 1 a 2 dagen te gebeuren.

Aangezien het natuurmaaisel andere producteigenschappen heeft dan stro, kan het productieproces voor het substraat niet n op n worden overgenomen. Het natuurmengsel is anders van structuur dan stro, heeft een andere lengte, een andere hardheid en het is veel natter. In de basis heeft het echter de juiste eigenschappen om te kunnen dienen als grondstof voor de productie van substraat. Tijdens het project zullen aanvragers het productieproces ontwikkelen waarmee het juiste substraat gemaakt kan worden.
Hierbij zal veel aandacht zijn voor o.a. de mate waarin het materiaal verkleind c.q. bewerkt moet
worden, hoeveel water er toegevoegd moet worden en hoelang / op welke temperatuur het materiaal gefermenteerd moet worden.

 



   


  Admin